Bonaire: de eerste Nederlandse gemeente die door de zeespiegelstijging onder water komt te staan

Bonaire is de eerste Nederlandse gemeente die de gevolgen van klimaatverandering en zeespiegelstijging op grote schaal zal merken. Een kleine zeespiegelstijging kan er al toe leiden dat een derde van het eiland onder water komt te staan, terwijl hevigere neerslag, zwaardere stormen, opwarming van het zeewater en gebrekkige riolering de problemen verder versterken.

In het najaar van 2022 verscheen een verbijsterend rapport over een kleine Nederlandse gemeente. In dat rapport stond dat deze Nederlandse gemeente deels in zee zal verdwijnen vanwege het opwarmende klimaat. Bonaire zal de eerste gemeente in Caribisch Nederland zijn die de eerste gevolgen merkt van klimaatverandering.

Bonaire kustlijn en stijgende zeespiegel

Waarom Bonaire als eerste Nederlandse gemeente wordt getroffen

De BES-eilanden - Bonaire, Sint-Eustatius en Saba - zijn de Nederlandse gemeenten die het hardst te lijden hebben onder klimaatverandering. ‘De gevolgen zijn duidelijk: een paar graden warmer zal een grote belasting zijn voor de bevolking’, aldus Monique van de Water van WNF Nederland.

‘Een kleine zeespiegelstijging zorgt er al voor dat een derde onder water komt te staan en we krijgen meer neerslag en stormen.’ Naast dat het effect heeft op de mensen, huizen die onderlopen en de wegen die kapot gaan als de natuur.

Of delen van Nederland in de toekomst vaker overstromen of zelfs onder water komen te staan, hangt af van de snelheid waarmee de aarde opwarmt en hoe de natuur daarop reageert. Naast de zeespiegelstijging zijn er nog meer factoren die beïnvloeden hoe hoog het water in de toekomst komt.

  • de hoeveelheid extreme buien;
  • smeltwater in de rivieren;
  • de bodemdaling in Nederland;
  • de stijging van de zeespiegel;
  • de maatregelen die Nederland neemt om bewoners, natuur en infrastructuur te beschermen.

Wat gebeurt er op Bonaire?

Vorig jaar kreeg die gemeente daar al een voorproefje van: in november 2022 liepen grote delen onder nadat het heel hard had geregend. De komende jaren dreigt onder andere het drasland in het zuiden opgeslokt te worden door de oprukkende zee.

Wat er dan gebeurt met de zeldzame vogels die er van oudsher broeden, is nog onduidelijk. Sommige historische bouwwerken zullen niet zonder schade het einde van de eeuw halen, schrijven de onderzoekers.

De klimaatschade aan huizen en infrastructuur kan in het ergste geval in de honderden miljoenen euro’s lopen. Voor de bewoners kan dat rampzalig zijn. Wie nu al niet genoeg verdient om van rond te komen, gaat een onzekere toekomst tegemoet.

Ook de lokale economie zal onder het naderende natuurgeweld lijden. Omdat het zeewater opwarmt en de riolering gebrekkig is, sterft het rijke onderwaterleven af - terwijl die bijzondere natuur, populair bij duikers, de economische kurk is waar de gemeente op drijft.

‘Bovendien is Bonaire voor een groot deel afhankelijk van het toerisme dus van alle kanten heeft het enorm veel negatieve effecten.’

Klimaatverandering: 'Mensen op Bonaire hebben andere dingen aan hun hoofd'

Een toekomst die al gedeeltelijk vastligt

Eerder concludeerde het KNMI dat klimaatverandering voor dit gebied nu al onomkeerbaar is. De volgende generatie bewoners ‘zal hoe dan ook terechtkomen in een heel ander landschap’, schrijft het weerinstituut.

Wel kan de schade beperkt worden - nog wel. Je zou dus zeggen: alle reden om in te grijpen, en snel een beetje. Maar vooralsnog zijn er geen concrete plannen om deze gemeente te beschermen tegen het veranderende klimaat.

Het is veelzeggend dat er pas in 2022 een uitgebreide studie uitkwam met de klimaatscenario’s voor Bonaire. En zelfs die studie is niet helemaal compleet, vanwege een gebrek aan betrouwbare data.

Weerstatistieken, hoogtedata en overstromingsgegevens: de onderzoekers van de Vrije Universiteit Amsterdam hadden moeite om hier volledige datasets over te vinden - een schril contrast met de overvloedige data voor Europees Nederland.

Voorlopig is het beeld van de impact van klimaatverandering op de BES-eilanden dus verre van volledig.

De gevolgen voor bewoners, natuur en economie

Ondertussen heeft Bonaire te maken met schrijnende ongelijkheid. De minimumlonen, pensioenen en uitkeringen zijn op de eilanden substantieel lager dan in Europees Nederland, met onder andere als gevolg dat 40 procent van de Bonairianen in armoede leeft.

Op het eiland duwen de dagelijkse zorgen om voldoende eten op tafel te krijgen zorgen over de oprukkende zee soms naar de achtergrond. Neem het verhaal van Airsa, die ik vorig jaar interviewde over dit onderwerp.

Samen met haar vriend runt zij een haarsalon op het eiland. Onlangs nodigde Greenpeace haar uit voor een bijeenkomst over klimaatverandering op Bonaire, maar die moest ze laten schieten omdat ze een klant had.

‘Ik hoorde achteraf dat maar weinig lokale inwoners kwamen opdagen. Iedereen is hard aan het werk.’

De klimaatverandering raakt Bonaire daardoor op meerdere niveaus tegelijk: bewoners krijgen te maken met overstromende huizen en schade aan wegen, natuurgebieden verliezen hun ecologische waarde en de lokale economie wordt kwetsbaarder.

Waarom de bescherming achterblijft

In Europees Nederland zijn de gevaren van klimaatverandering al lang en breed uitgemeten. Van onderzoeksrapporten en Tweede Kamerdebatten tot klimaatprotesten en complete musea: er is continu aandacht voor de opwarming van de aarde, de zeespiegelstijging die daaruit volgt, en wat dat betekent voor de woningen en veiligheid van Europese Nederlanders.

De strijd tegen het water is Nederland niet vreemd: al eeuwen zijn er overstromingen en worden er dijken en waterkeringen gebouwd. De Watersnoodramp - vandaag precies zeventig jaar geleden - was zo’n grote wake-up call, dat ze leidde tot de invoering van het Deltaplan.

In 2050 mag - volgens de Deltabeslissing Waterveiligheid - ieder jaar maar 1 op de 100.000 inwoners van Europees Nederland komen te overlijden door een overstroming.

Maar hoeveel politici spraken zich de afgelopen jaren uit over de naderende watersnoodramp in Caribisch Nederland? Bedroevend weinig.

D66, de Partij voor de Dieren en BIJ1 stelden sporadisch Kamervragen, maar vervolgens gebeurde er niet veel. Ook in de media is er nauwelijks aandacht.

Eind 2021 sprak de directeur van de Dutch Caribbean Nature Alliance zijn zorgen uit over het feit dat Caribisch Nederland vergeten werd in de klimaatdiscussie. Intussen zijn Caribische Nederlanders vogelvrij voor natuurgeweld.

En dat terwijl Nederland de plicht heeft zijn burgers - ál zijn burgers - te beschermen.

Een juridisch limbo binnen één koninkrijk

Sinds 2010 is Bonaire - net als de voormalige Nederlandse koloniën Saba en Sint Eustatius (samen: de BES-eilanden) - een ‘openbaar lichaam’ van Nederland.

De drie eilanden hebben een aparte status binnen het Koninkrijk, die vergelijkbaar is met die van een Europees-Nederlandse gemeente. Het is dus ook aan de Nederlandse regering om de bewoners van die eilanden te beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering, zegt onderzoeker mensenrechten en milieu Daphina Misiedjan van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Toch zweven de drie eilanden in een juridisch limbo. VN-klimaatakkoorden en -verdragen, zoals het Klimaatakkoord van Parijs, zijn niet van toepassing op de eilanden, net zomin als het Nationaal Water Programma.

Waarom? Volgens minister Rob Jetten (D66) van Klimaat en Energie passen die wetten en verdragen alleen binnen de context van Europees Nederland.

Omdat de Caribische natuur zo anders is, moeten daarvoor aparte plannen gemaakt worden - maatwerk dus. Alleen komt dat maatwerk er maar niet, waardoor er in feite twee niveaus van bescherming bestaan binnen één koninkrijk: één groep die wel onder de klimaatverdragen valt, en één groep die aan zijn lot wordt overgelaten.

En dat is in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, dat bepaalt dat er geen onderscheid mag zijn tussen Europese en Caribische Nederlanders: allemaal hebben ze hetzelfde recht op leven.

Het verschil met Europees Nederland

Een groot deel van ons kikkerlandje ligt onder de zeespiegel, laat staan als die gaat stijgen. Maar welk deel?

Zo’n 26% van ons land ligt onder zeeniveau (zeeniveau is het gemiddelde hoogwaterpeil, 22% van Nederland ligt onder NAP), 59% van Nederland loopt risico te overstromen door water van de zee of uit de rivieren.

OnderwerpGegeven
Nederland onder zeeniveau26%
Nederland onder NAP22%
Nederland met overstromingsrisico59%
Verwachte mondiale zeespiegelstijging in 2100 volgens het KNMI26 tot 82 centimeter

Anno 2022 ligt 26 procent van Nederland onder zeeniveau. Bij een megastorm op zee, of door extreem hoge afvoer van de grote rivieren die in onze delta uitmonden, loopt 59 procent van ons land het risico op overstroming.

In Europees Nederland bestaat een uitgebreid systeem van dijken, duinen, dammen, sluizen, gemalen, modellen, veiligheidsnormen en overheidsorganisaties.

De zeespiegelstijging is al sinds 1997 ingebouwd in de Waterwet. Als ingenieurs een plan maken om een dijk aan te passen, vragen ze het KNMI hoe hoog de zee staat over vijftig jaar, en houden ze daar rekening mee.

In het zogeheten Hoogwaterbeschermingsprogramma bepalen de waterschappen samen met de Rijksoverheid welke dijken, sluizen en gemalen in Nederland versterkt moeten worden om de kans op wateroverlast of overstroming tot een acceptabel niveau te houden.

Waarom Bonaire minder bescherming heeft

Zo veel gegevens als er voor Europa zijn, zo weinig weten we over Bonaire. Het eiland beschikt niet over dezelfde uitgebreide meetreeksen, infrastructuur en beschermingsprogramma’s als Europees Nederland.

De Nederlandse waterveiligheid is historisch opgebouwd rond een dicht netwerk van waterkeringen en waterbeheer. Bonaire heeft een andere geografische, klimatologische en bestuurlijke context, maar daardoor is de bescherming niet vanzelfsprekend geregeld.

Volgens minister Rob Jetten moeten voor de eilanden aparte plannen worden gemaakt. Alleen komt dat maatwerk er maar niet.

Daardoor ontstaat een ongelijke situatie: Europees Nederland beschikt over een uitgewerkt nationaal waterbeleid, terwijl Bonaire nog wacht op voldoende onderzoek, concrete plannen en structurele bescherming.

Hoe snel stijgt de zeespiegel?

De zeespiegel stijgt, dat is duidelijk. Maar hoeveel, dat hangt af van welke maatregelen we nemen om de opwarming van de aarde tegen te gaan - en ook hoe snel we dat doen.

Want opwarming betekent meer gesmolten poolkappen en dat staat dan weer gelijk aan een hoge zeespiegel. In gunstige scenario’s gaat het om een stijging van tientallen centimeters tot het jaar 2100. Maar in de meest extreme scenario’s is een stijging van 1,2 tot 2 meter ook niet uitgesloten.

Volgens het KNMI zal het mondiale zeeniveau in het jaar 2100 tussen de 26 en 82 centimeter gestegen zijn. Volgens klimaatpanel IPCC is er een aanzienlijke kans dat de zeespiegel daarna blijft stijgen.

De nu in Nederland gebruikte Deltascenario’s gaan uit van de KNMI’14 scenario’s. Deze gaan er van uit dat de zeespiegel maximaal 0,4 meter is gestegen in 2050 en maximaal 1 meter in 2100 (ten opzichte van 1995).

Voor 2100 gaan de Deltascenario’s uit van een stijging tussen 0,35 meter en 1,0 meter. In de nieuwe scenario’s acht het KNMI een zeespiegelstijging van 0,3 tot maximaal 2,0 meter mogelijk.

Bij een sterkere opwarming van de aarde (met 4°C in 2100) kan dit oplopen tot 2,0 meter (middenwaarde) en maximaal 3,0 meter (bovenwaarde) in 2100.

Na 2100 kan deze extra versnelde zeespiegelstijging doorzetten tot 5 en mogelijk 8 meter in 2200.

Waardoor stijgt de zeespiegel?

De belangrijkste oorzaken van de zeespiegelstijging houden verband met de klimaatverandering. Een van de oorzaken is de thermische uitzetting door de opwarming van de oceanen, die meer dan 90 procent van de extra warmte absorberen die het gevolg is van de toegenomen uitstoot van broeikasgassen.

Als het zeewater opwarmt, zet het uit en als gevolg daarvan stijgt de zeespiegel. Een andere oorzaak is dat er meer landijs smelt, waardoor meer water in de oceanen terechtkomt.

Het verlies van ijs van Groenland en Antarctica en van de gletsjers in de bergen is samen verantwoordelijk voor ongeveer de helft van de huidige stijging van de zeespiegel.

Daar komt nog bij dat naarmate de temperaturen van de lucht en van de oceanen stijgen, de kuststormen intenser en frequenter zullen worden, waardoor op korte termijn grote stormvloeden ontstaan die nog eens bovenop de zeespiegelstijging komen.

Niet alleen de zee, maar ook regen en stormen

Een kleine zeespiegelstijging zorgt er al voor dat een derde onder water komt te staan en we krijgen meer neerslag en stormen.

In november 2022 liepen grote delen onder nadat het heel hard had geregend. Dat laat zien dat de kwetsbaarheid van Bonaire niet alleen samenhangt met een langzaam stijgende zee.

Ook extreme buien, overstromingen door gebrekkige afvoer, kusterosie en stormvloeden kunnen in korte tijd grote schade veroorzaken.

De combinatie van zeespiegelstijging, extreme neerslag, hogere temperaturen en zwaardere stormen maakt de risico’s groter dan wanneer slechts één factor zou veranderen.

De bredere waterproblematiek in Nederland

In de diepepolderdiscussie wordt vaak gezegd dat vooral laaggelegen gebieden gevaar lopen. Maar de kans op een overstroming heeft vrijwel niets te maken met de hoogteligging van een polder.

Er zit namelijk nog iets tussen zee en polder in. Je kunt Nederland zien als een gigantische watermachine, waar natuur op groeit en mensen op wonen.

Een van de functies van die machine is de kans op wateroverlast en overstromingen zo klein mogelijk maken.

Daarvoor bestaat de machine uit een paar hoofdonderdelen:

  • stukken land die zo hoog liggen dat ze niet kunnen overstromen;
  • gebieden die wél kunnen overstromen;
  • binnendijkse gebieden;
  • buitendijkse gebieden;
  • dijken, duinen en dammen;
  • kanalen, riviertjes en sloten;
  • gemalen die water afvoeren naar zee, rivieren en meren.

Tussen het binnendijks en het buitendijks gebied liggen dijken, duinen en dammen die het binnendijkse gebied beschermen tegen het water.

Binnendijkse kanalen, riviertjes, sloten en gemalen (grote pompen) voeren neerslag af naar het buitendijkse gebied: de Noordzee en de Waddenzee, grote rivieren zoals de Maas, en grote meren zoals het IJsselmeer.

Als we die neerslag niet snel genoeg kunnen afvoeren en tuinen en kelders onderlopen, spreken we van wateroverlast. Als een dijk doorbreekt, noemen we dat een overstroming.

Wateroverlast geeft miljoenenschade, maar bijna nooit slachtoffers. Een overstroming geeft miljardenschade en tientallen tot duizenden slachtoffers.

Waarom laaggelegen gebieden niet automatisch onveilig zijn

Niet bouwen in diepe polders omdat die onveiliger zouden zijn, strookt niet met hoe de watermachine werkt.

Ja, als een gebied relatief diep ligt, is er in potentie meer schade. Maar als dat gecompenseerd wordt door een lagere kans om te overstromen, functioneert de watermachine prima.

Om bij de vliegtuigvergelijking te blijven: het dijkensysteem is het casco van een vliegtuig, woningen zijn de passagiers. Om weer en wind te weerstaan maakt het weinig uit waar je in het vliegtuig gaat zitten, als het casco maar goed blijft functioneren.

Risico is niet hetzelfde als ‘mogelijke schade’: het is de mogelijke schade vermenigvuldigd met de kans op die schade.

Als ergens langs zee of een rivier een dijk doorbreekt, zoekt het water de diepe delen op. Maar belangrijker dan hoe diep een polder ligt, is waar de dijk doorbreekt, hoe snel het gat groeit, hoe het water door het landschap stroomt en hoelang de storm of de hoge rivierafvoer aanhoudt.

Wanneer je die modellen erbij pakt, zie je bijvoorbeeld dat op dit moment het overstromingsrisico in Den Bosch - 3 meter bóven NAP - groter is dan in de Zuidplaspolder, met 6,76 meter onder NAP het laagste punt van Nederland.

De Nederlandse bescherming tegen overstromingen

Nederlanders zijn de beste waterbouwers en beste waterbeheerders ter wereld. Met de langste geschiedenis, een aparte overheidslaag (de waterschappen) en het meest fijnmazige netwerk van sloten, kanalen en regelwerken.

Als wij de zeespiegelstijging niet aankunnen, kan niemand het.

De nieuwe kaart Ligging en normen primaire waterkeringen toont de waterkeringen die Nederland beschermen tegen het water uit rivieren en uit de zee.

Waterkeringen zijn dijken, dammen of duinen. De verschillende kleuren geven aan hoe groot de overstromingskans is.

De nieuwe normen hangen af van de kans én de gevolgen van een overstroming. De dijken met de hoogste normen liggen op plekken die het meeste bescherming nodig hebben.

De Randstad is het economische hart van Nederland en het is een regio waar veel mensen wonen en waar het overstromingsrisico hoog is. Maar het is ook een regio die goed wordt beschermd.

Het doel van het Deltaprogramma is dat uiterlijk in 2050 alle dijktrajecten voldoen aan deze veiligheidsnorm.

Waarom de situatie op Bonaire niet met de Randstad kan worden vergeleken

De strijd tegen het water in Europees Nederland steunt op eeuwenlange ervaring, een gespecialiseerde bestuurslaag, uitgebreide meetgegevens en voortdurende investeringen.

Op Bonaire ontbreekt een vergelijkbaar beschermingsniveau. De beschikbare gegevens zijn beperkter, de financiële draagkracht van bewoners is kleiner en concrete plannen voor klimaatadaptatie blijven achter.

Als Zuid-Holland dreigt opgeslokt te worden door de zee, zou de Nederlandse overheid dan ook zo passief zijn? Had ze dan ook tot 2022 zitten suffen?

De vraag maakt duidelijk dat de Nederlandse aanpak niet gelijk is verdeeld over alle inwoners van het Koninkrijk.

Wat kan nog worden gedaan?

Er zijn ook lichtpuntjes: het lijkt erop dat Den Haag langzaam ontwaakt uit de sluimertoestand van het afgelopen decennium.

Zo kondigde het ministerie van Economische Zaken en Klimaat eind november aan dat er een speciale klimaattafel komt voor Bonaire - een overlegorgaan waarbinnen maatschappelijke organisaties, overheid en bedrijven zijn vertegenwoordigd.

Tijdens het bezoek van de koninklijke familie aan Caribisch Nederland dat nu bezig is, staan klimaatverandering en -adaptatie op de agenda.

Onderzoeker Daphina Misiedjan werkt op haar beurt mee aan het onderzoeksproject ‘Island(er)s at the Helm’, een initiatief van het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde waarin lokale onderzoekers vanuit allerlei disciplines de klimaatproblematiek op de BES-eilanden bestuderen en mogelijke oplossingen aandragen.

Misiedjan: ‘We onderzoeken vanuit de sociologie, architectuur, archeologie, rechten en antropologie hoe mensen daar met klimaatverandering omgaan, en wat zij nodig hebben.’

Natuurlijke oplossingen tegen stijgend water

Wereldwijd zal blijken dat veel van de huidige dijken, zeeweringen en waterkeringen niet voldoende zijn om het water in de toekomst tegen te houden, met name in de landen die niet over de middelen beschikken om omvangrijke technische installaties te financieren en te onderhouden waarmee ze hun burgers kunnen beschermen.

In het kader van het stijgende water kunnen we veel leren van de alternatieve, meer betaalbare en flexibelere oplossingen die overal ter wereld ontstaan.

Bij deze meer natuurlijke oplossingen ligt de focus niet op het buiten houden van de steeds verder stijgende zeeën, maar op het helpen opbouwen van land tot boven de zeespiegel.

Utrechtse onderzoekers testen welke strategieën in welke regio ingezet kunnen worden om het tij te keren. En de wetenschappers denken ook vooruit: hoe kunnen we de schade beperken en ervoor zorgen dat mensen een veilige plek hebben om naartoe te gaan als het water toch komt?

Dubbele dijken met wisselpolders

Een veelbelovend voorbeeld zijn de dubbeldijken, waarbij gebruik gemaakt wordt van de natuurlijke sedimentatieprocessen om het land tussen twee dijken op te hogen en extra bescherming te bieden in geval van overstromingen.

In de meest zeewaartse dijk wordt een tijdelijke opening - een getijdeninlaat - gemaakt, zodat zeewater tijdens hoogwater de polder kan overstromen, waardoor het land geleidelijk dichtslibt.

Het nieuwe land dat in de polder ontstaat, kan worden gebruikt voor zoutwatercultuur/landbouw, natuur en/of recreatie.

En als de bodem voldoende opgehoogd is, kan de inlaat worden gesloten en kan de overgangspolder weer voor agrarische doeleinden worden gebruikt.

Herstel van duinen en kustnatuur

Een andere strategie bestaat uit het herstellen van de zandduinen langs de kust.

Door openingen in de duinen te maken, kan het zand dat van het strand waait worden doorgeluisd naar de landwaartse duinen.

Door deze openingen wordt het gebied landinwaarts, dat anders buiten bereik zou zijn voor de erosie door de huidige stormen, opgehoogd en vormt zo een buffer voor de toekomstige stormen en stijgende zeeën.

Door de zandlaag op deze manier op te bouwen, wordt het landschap dynamischer en diverser, en daarmee ook adaptiever aan klimaatverandering.

Mangroves en doorlaatbare kustbescherming

In het plattelandsgebied Demak hebben gemeenschappen samengewerkt met onderzoekers om doorlaatbare dammen te bouwen die - in tegenstelling tot gesloten dijken - de opbouw van sediment en de groei van mangroves mogelijk maken.

Deze doorlaatbare structuren, die gemaakt zijn van vrij goedkope en lokale materialen zoals bamboe en twijgen, worden langs de kust geplaatst.

Doordat ze eroderende golven dempen, sedimenten vasthouden en het niveau van de bedding verhogen, creëren ze de optimale omstandigheden voor mangroves om zich hier te wortelen en uit te groeien, zodat zij een stevige, eerste barrière tegen kustinundatie vormen.

Deze natuurlijke oplossingen geven ons meer tijd voor aanpassingen en veiligheid.

De moeilijke keuze tussen beschermen en vertrekken

Maar als de zeespiegel maar blijft stijgen, zullen we toch ooit naar hoger gebied moeten verhuizen?

In de diepepolderdiscussie is dit een sterk sentiment. ‘Als we toch ooit weg moeten uit Nederland, dan kunnen we maar beter op tijd ophouden met bijbouwen! Ons fort in zee is een lock-in, en daar moeten we uit!’

Niet meer bijbouwen in een gebied heeft alleen zin als we bereid zijn het op te geven.

Als je het rationeel bekijkt, dan stoppen we met beschermen zodra het beschermen meer kost dan wat het beschermde waard is.

Ik voorspel dat we de Randstad nooit zullen opgeven. Maar bij kleine delen - eigenlijk alleen de Waddeneilanden - zou dat best kunnen.

De situatie van Bonaire laat zien dat een andere vraag minstens zo belangrijk is: wie bepaalt waar bescherming wordt aangelegd, welke gebieden prioriteit krijgen en welke bewoners bescherming moeten ontberen?

Waarom klimaatbeleid voor Bonaire niet kan wachten

Maar een voldongen feit blijft: terwijl wetenschappers steeds pessimistischer gestemd zijn over of het überhaupt zal lukken om de opwarming van de aarde te beteugelen, ontbreekt de infrastructuur om Caribische Nederlanders te beschermen tegen de gevolgen hiervan.

Het water staat hen intussen al figuurlijk aan de lippen. En het moment waarop dit letterlijk zal zijn, komt rap dichterbij.

Uiteindelijk is vooral belangrijk om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen en de klimaatverandering te beperken. Want anders blijft het dweilen met de kraan open en krijgen wij straks natte voeten.

tags: #1e #nederlandse #gemeente #die #kopje #onder